Thursday, November 29, 2012

Phase 3

Het  is alweer eventjes geleden sinds mijn laatste blog post. Reden: druk met werk voor het Nederlandse. De belangrijkste taken zijn grotendeels achter de rug en dus is er weer wat ruimte om vooruit de denken, terwijl ik op mijn lunch wacht.
Om maar te beginnen: ik wil hier nooit meer weg. Niet uit dit land, niet uit deze stad en ook als ik eerlijk ben, niet eens uit de buurt waar ik nu woon. Sterker nog, iedere keer wanneer ik uit een bus of skytrain stap en Soi Ekamai inloop krijg ik een warm thuis gevoel. Ik heb al vele buurten gezien hier en nog nooit een wijk gevonden die mijn thuis plekje overtreft. Ook mijn appartement zou ik niet snel met iets anders willen ruilen. Ik zal jullie spoedig voorzien van foto's en geschreven detail. Om eerlijk te zijn duw ik die berichtgeving telkens voor me uit, met vrees dat niemand me meer wil spreken als jullie zien en horen hoe geweldig het hier is. Bang dat die zegeningen de lange strijd doen vergeten. Na 31 jaar lijkt het eens een keer mee te zitten.
Met verworven goed volgt de vrees voor het behoud ervan. Daarom moet je nooit te rijk worden. Dat is net zo belangrijk als het voorkomen van armoede. Maar voorlopig heb ik nog genoeg ruimte om te vullen op dat gebied. Er breekt in  feite, na iets meer dan 2 twee weken hier te zijn een derde fase aan. De eerste stond in het teken van hier arriveren en het vinden van een plekje om te wonen.  De tweede, welke nu tegen haar einde loopt, betrof het vinden van een plekje om te werken en het waarborgen van continuïteit van mijn werk in NL. De aanstaande derde fase behelst het verankeren van mijn bestaan alhier, en de diepere integratie in de Thaise samenleving en cultuur.

3.1 Job

Het vinden van een baantje is om ontelbare reden van vitaal belang. Denk alleen al aan een permanenter visum bijvoorbeeld. Nu besta ik hier op een toeristen visum. Dat betekent dat ik iedere 30 dagen de grens over moet om een stempel te halen waarmee ik weer slechts een maand vooruit kan. Een ‘work permit’ echter, is van een structureler aard en kan worden vervaardigd wanneer een locale werkgever op papier wil getuigen mij niet alleen graag aan te willen nemen, maar ook instaat voor mijn integriteit en eerlijkheid. Het is voor de Thaien belangrijk om het prettige leven en de aangename omgang met mensen niet te laten verwateren, ook niet in het licht van economisch belang.  Zo’n brief is dus fel begeerd en maakt vele zaken makkelijker. Niet alleen verlaagt het de frequenties van de visa runs, ook de bank stelt additionele faciliteiten beschikbaar, zoals electronisch bankieren.  Ook is het als vreemde eend noodzakelijk om een regelmatige bron van inkomen te genieten, en het liefst genoeg om snel reserves aan te leggen, mocht het noodlot een keer toeslaan. Daarnaast verhoogt het je status en wordt het aanleggen van lokale contacten bevorderd.
Het battle plan: deur tot deur gaan bij de vele International Schools hier in Bangkok. En met ‘vele’ bedoel ik ook echt veel!. Dit heb ik niet zelf bedacht, maar als waardevolle tip gekregen van een van de twee veteraan expatriats waar ik eerder over schreef. Diens secretaresse heeft ooit gewerkt op een International School hier in Bangkok en wist te vertellen dat niet alleen men ‘omhoog zit’ voor personeel, ze betalen ook nog eens uitstekend, zelfs gemeten naar westerse standaarden. Beheersing van de Thaise taal is niet vereist, en bovendien lijkt het me geweldig om te doen. Omdat er zoveel van deze instellingen zijn vereist het wel enige (geografische) planning. Een goede voor selectie voorkomt wellicht teleurstelling of zelfs compleet falen van deze missie. Vergeet ook namelijk niet dat het verkeer in Bangkok onmogelijk is, met name in de spits uren. De afstand van je bureau ten opzichte van je bed is van grote invloed op de uiteindelijke haalbaarheid. Het is dus een kwestie van goed kijken naar de ligging. Tegen het verkeer in, of is juist iedereen aan het ‘commuten’ in die richting? Kun je met de skytrain of de boot, of ben je veroordeeld tot bus of taxi? En dan nog, is de school inderdaad betrouwbaar, betalen ze conform en is het een geschikte werk omgeving? En dan… Waar is de nood om personeel het hoogst? Research dus, een hoop ervan. En dan wordt het zweten op de straten van Bangkok, in de hoop niet al te veel afwijzingen te hoeven verwerken. Afwijzing namelijk, op welk gebied dan ook, doet altijd een deukje aan je moraal.

3.2 Taal

Het feit dat ik nauwelijks een woord Thais spreek begint heel erg vervelend te worden. Niet alleen is het om duidelijke redenen onhandig (kan ik deze allesreiniger nu wel of niet op porcelein toepassen?), ik maak me ook zorgen dat de warme gastvrijheid die de locale bevolking van mijn wijkje, welke nauwelijks Engels verstaan, op den duur gaat afkoelen. Ik ben erg dankbaar voor de gastvrijheid hier, ik wordt wel begroet door 10 verschillende mensen telkens als ik de deur uit loop. Als ze me zien terugkeren wordt ik vaak uitgenodigd voor een drankje of een hapje. Ik realiseer me dat dit heel bijzonder is, want er wonen meer ‘falang’ in mijn gebouw en ik heb nog nooit iemand naar ze om zien kijken. De taalbarriere baart me dus zorgen. De status is nu zo dat men hier in het Thais dan maar aan me vertelt wat ze die dag gedaan hebben, of de laatste roddels (‘gossip is een heel erg belangrijk sociaal fenomeen hier)aankondigen. Zo sterk wordt mijn aanwezigheid dus op prijs gesteld, en dat is uiteraard meer dan wederzijds. Maar dat zal niet eeuwig duren, als ik niet tenminste kan laten blijken dat ik een effort maak. Die effort echter, is niet geheel goedkoop naar Thaise standaarden. Ik heb natuurlijk wel een soort woordenboekje, maar er is me inmiddels op het hart gedrukt (tevens door de eerder genoemde westerse vrienden hier) dat het noodzakelijk is om te beginnen met een echte cursus. Thais is namelijk een taal van klanken. Een woord met de verkeerde intonatie uitgesproken, verliest al haar betekenis en herkenbaarheid. Dus studeren op een woordenboek leert je feitelijk niets, je doet enkel kennis op die je vervolgens moet afleren. Het advies is zelfs om te verzekeren dat ik les krijg van een vrouwelijke docent, omdat die een zuiverder stem hebben waardoor je de cruciale klanken goed kunt leren. Als klap op de vuurpeil geeft het ‘studeren’ aan een talen instituut soms ook het recht op een ‘student visa’, wat ook meteen het probleem van visa runs drastisch verkleint. De indicatie die ik kreeg is dat ik ongeveer 20 uur les nodig zou hebben, aangezien ik hier dagelijks omgeven ben door de taal. Thais kent nauwelijks grammatica (het vertrouwt immers op klank) en schijnt niet moeilijk te zijn. Zelfs het schrift niet, zo heb ik me met vebazing horen vertellen. Een kwestie van weten welk tekentje bij welke klank hoort en je bent al een heel eind.

3.3. Transport

Het is tegenwoordig erg lastig voor me om gefrustreerd te raken. Maar het bussen systeem hier krijgt het bij hoge uitzondering zo nu en dan voor elkaar. De kortste manier om dit te omschrijven kan ik ontleden uit een tekst die ik vond op het internet, met aanwijzingen voor bus transport. Er zijn namelijk verschillende kleuren bussen met vaak dezelfde nummers. En de bussen met dezelfde nummers, zo leerden de instructies me, ‘will usually follow the same route’.  Usually. Hoewel ik al blij mag zijn met Google Maps op mijn smartphone, welke me precies intrueert waar de bushalte is (deze zijn namelijk ook ‘ususally’aangegeven, maar regelmatig ook helemaal niet)  en waar ik uit moet stappen. Echter, maar al te vaak zit ik in de juiste bus en in de juiste richting, en klinkt in mijn oor ineens ‘Return to route!’. Met andere woorden, de bus rijdt doodleuk ineens de verkeerde kant op. En dan mag je terug zien te komen, want hetzelfde kan natuurlijk gelden voor alle andere bussen. Een geadviseerde bus hoeft niet per se je halte aan te doen, en dat weet je pas zeker na een uurtje wachten, want nogmaals, het verkeer is hier een drama en bovendien is de perceptie van tijd in Thailand alles behalve een exact begrip. Daarnaast is er nog een ander gegeven dat je in de problemen kan brengen. Afgelopen vrijdag avond keerde ik per bus terug uit de wijk Silom. Het was 23.00 uur en de rit zou ongeveer 45 minuten moeten duren. Ik stapte in, de condocuteur kwam naar me toe om me een kaartje te verkopen, en voor de zekerheid vroeg ik aan hem ‘Soi Ekamai?’, de straat waaraan ik woon. Mijn intonatie zal verkeerd zijn geweest en hij kniktje ‘ja.’ Hij zal het niet als vraag geinterpreteerd hebben. Het volgende probleem is namelijk dat ik een hogere status heb dan een bus conductuer. Als ik dus denk dat de bus naar Soi Ekamai gaat, mag hij me niet tegenspreken. Ook al gaat die bus daar dus niet naartoe!  En ik wilde al zo graag naar huis. Ik was enigszins verdwaald geraakt en, al realiseerde ik het me toen nog niet, begon een klein beetje verhoging te krijgen wat pas de volgende middag uitmondde in een koorts (die ik gelukkig in een middagje heb kunnen wegdromen en uitzweten, maar dat terzijde). Ik zat dus al ongemakkelijk en na een uur begon ik me af te vragen of ik mijn halte  niet had gemist. Mijn smartphone was namelijk leeg geraakt en Google’s verlossende woorden ‘get off at the next stop’ bleven dus telkens maar uit. Nog een half uur later zonk de moed me in de schoenen toen ik mijn opstap halte passeerde. Half 1 en nog een stap verder terug dan vanwaar ik was gekomen. Ik was pissed off! #$%&@ buspersoneel!
Eenmaal uitgestapt stak ik dus maar verslagen mijn hand omhoog, wat hier altijd promt resulteert in een taxi. En wat bleek: de rit naar huis duurde 15 minuten en kostte me nog geen euro 1,50. Maar goed, om 01.00 in de nacht kun je ook lekker doorrijden, op nagenoeg ieder ander moment van de dag is het onbegonnen werk.
Sowieso voel ik me enigszins incompleet door totaal niet zelfstandig aan het verkeer deel te nemen. Dat komt omdat het verkeer hier zo anders is geregeld. Niet alleen rijden ze hier links, er is in plaats van verkeersregels de algemene acceptatie van het gegeven dat men met zijn allen moet proberen het verkeer gaande te houden. Voorrang heb je dus als dat het beste uitkomt voor iedereen. Fietsen is hier gevaarlijk, zo wordt geadverteerd, omdat men nog niet echt aan dat fenomeen gewend is. Auto rijden is een vooralsnog zinloze ambitie. Maar een ‘motorbike’ (bromfiets) lijkt me ideaal. Je zoeft overal tussendoor, wordt gelijkwaardig geacht aan een vierwieler en bent daarmee zo vrij als een vogeltje. Zeker als ik straks verplichtingen op me neem die van me verlangen om op locatie present te zijn, is dit een must. Want vergis je niet, je kunt je nog zo deftig kleden, na 2 keer overstappen en 10 minuten lopen zweet je al als een otter. Nu heb ik daar wel enige verdediging tegen in mijn arsenaal, een element waarover ik later, tezamen met andere dagelijkse onderwerpen zal schrijven. Maar gegerandeerd: een scootertje houdt je wel fris en koel, ongeacht de afstand.

Kortom: nog een hoop te wensen en een hoop te doen.  

No comments:

Post a Comment

This blog is personal. Strangers feel free to comment but play nice.